Leestijd: 4 minuten

Het is donderdagnacht, uurtje of half 2 en het is druk op straat. Groepjes testosteron maken jacht op groepjes loopse en niet-loopse teven en reeën. De binnenstad bruist van gezellige uitgaansgelegenheden en mensen met het doel om van die gelegenheid gebruik te maken. Ik loop rond met mijn backpack op m’n rug en mijn kleine rugzak op mijn borst. Ik heb geen slaapplek, ik heb niemand die ik ken waar ik terecht kan en ik loop net de deur uit van het 7e hostel dat volledig volgeboekt is. Op Booking.com is niks meer te vinden want je kan niet ‘terug in de tijd boeken’ en Hostelworld was allang geen optie meer omdat ik geen werkende creditcard meer heb. Ik zou bij een vriend blijven slapen maar dat mag officieel niet en toen hij door mij problemen kreeg met de security en er wellicht uitgezet zou kunnen worden ben ik maar opgeflikkerd om een ander onderkomen te gaan zoeken. Mijn schoenen zijn vol gezakt met moed, m’n kop ontbeert het en alle positiviteit die ik had toen ik Sydney enterde is verdwenen als sneeuw voor de Australische zomerzon. Morgen is het vrijdag. De laatste werkdag van mijn eerste werkweek en deze week verliep tot nu toe kut; 3 sales in 4 dagen. In principe is een beetje slaap welkom, maar $259,- (tweehonderdennegenenvijftig dollar) betalen voor 7 uur slaap wil ik niet en gaat me bovendien niet lukken. Krap bij kas zitten is namelijk een understatement als we het over mijn liquide middelen hebben. Terugkeren naar mijn oude (en ook volgeboekte) hostel lijkt me het beste plan. Daar wordt me verteld dat ik wel in de lobby mag zitten, maar niet in slaap mag vallen. Dat wil de receptionist niet en als ik het toch doe maakt hij me wakker. Hij zou het graag anders zien maar dit is nu eenmaal hun ‘policy’. Hier zit ik de nacht uit. Wachtend tot ik mag gaan werken en piekerend over het feit of mijn vriend uit z’n appartement gezet gaat worden wanneer hij zich de volgende dag moet melden bij de building manager. ‘Hij vindt toch zo een nieuw onderkomen’ hoor, zie en voel ik u denken. Ja, maar het feit dat hij net $1900 aan borg en huur heeft betaald (contractloos) maakt het minder makkelijk te relativeren. Mijn gemoedstoestand krijgt een -3 op een schaal van -3 tot 10 en ik weet niet of ik nu juist graag wil dat deze nacht en dag snel voorbij zijn of niet.

Het handige van het feit dat de aarde rond is, is dat het aan de andere kant van de wereld dag is; kan ik in ieder geval contact hebben met sommigen uit Europa terwijl ik in zak en as in het holst van de nacht op een bank zit. Dit helpt me redelijk de nacht door. Ik zie het 3 uur worden en 4 uur. De 5 komt voorbij en kruipt vervolgens naar de 6. Bouwvakkers lopen langs. Die staan ook zo idioot vroeg op. Het uur van 7 naar 8 lijkt een week te duren en de blik van de receptionist verraadt medelijden. Dat is nu natuurlijk te laat, want om 9 uur mag ik de dag beginnen. Gewapend met mijn ziel onder mijn armen, 3 kwartier stiekeme slaap op zak en zware oogleden onder mijn voorhoofd val ik mijn werkdag aan. Deze begint met een BBQ – dit doen ze bij HelloFresh vaker op vrijdag – in zo’n 28 graden. Mijn gedachten die alle kanten op gaan worden geïntensiveerd door het slaaptekort en gekalmeerd door de blauwe lucht en de mensen om me heen. De mensen leiden me af van m’n gedachten, waardoor ik die middag graag en veel praat met de mensen aan de deuren. Ik klop op deuren als nooit tevoren. De ene na de andere deur wordt slachtoffer van m’n knokkel. Aan het eind van de werkdag – pakweg 12 uur later dan mijn ultieme dieptepunt van mijn reis tot nu toe – heeft mijn vriend gebeld dat alles in orde is met zijn flat en heb ik 4 sales op zak. 4 sales waarmee ik een potentiele $400 binnen hark, een salesgame om een fles Grey Goose win, mijn totaal aantal sales van de week meer dan verdubbel en mijn gemoedstoestand verander van een -3 naar een voorzichtige 6,5.

De volgende dag bezoek ik een appartement waarin ik een kamer wil. De kosten hiervoor zijn ongeveer 30% lager dan voor het hostel waar ik zo’n 2,5 week ben verbleven. Het verschil is dat ik een kamer deel met 1 persoon in plaats van 7. En oja, er zit ook een zwembad bij waar je gebruik van kan maken. En er zit een keuken, een wasmachine en een droger bij. En een eigen badkamer. En een groot balkon. En een klein balkon voor als je verdwaald raakt op die grote. En een zwembad. En een fitnessruimte. En een zwembad. En een bank en een TV als je gewoon even wil relaxen. En oja, een zwembad. Een grote. Waar je in kan zwemmen als je zin hebt. En als je daar geen zin in hebt doe je het niet, maar de mogelijkheid is er. Ik wil de kamer met genoemde faciliteiten nogal graag. Er zijn echter meer gegadigden dus na afloop van mijn bezoek moet ik een verhaaltje over mezelf schrijven over wie ik ben en wat ik doe en deze via Facebook naar de andere bewoners sturen. Ik heb schijt aan de arrogantie als ik zeg dat ik dat verhaaltje natuurlijk goed schreef. Als je dit leest weet je waarschijnlijk dat mijn schrijfstijl niet ver van eminent is en daarbij, ik verkoop voedselpakketten aan de deur. Dan moet een homp vlees en bloed met een karakter opleuken middels niet te doorzichtige tekstuele verkooppraat ook wel lukken. De volgende dag wordt ik gekozen en volgende week trek ik er in.

Ik vind het wonderbaarlijk dat er zo’n groot verschil in iemands gemoedstoestand kan zitten in 12 uur tijd. En helemaal in een heel weekend. Zoals ik een keer eerder schreef is het leven net als een scooterrit van Chiang Mai naar Pai. Vele pieken, vele dalen, vele bochten naar links en vele bochten naar rechts. En van de regendruppels in de zonnestralen. En zoals iedere Nederlander weet laat de regendruppels je de zonnestralen meer waarderen. Het kan verkeren. Zondagavond val ik in bed met een gemoedstoestand die je hebt als je na een hele warme, zware werkdag met veel zonnestralen in een zwembad met precies de juiste temperatuur kan duiken. Als je wil.

Categorieën: Reisverhaal

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *