Leestijd: 4 minuten

Een Engelse, egocentrische relnicht waarbij ik de aandoening bipolariteit vermoed en die ik met de zon zou vergelijken omdat alles altijd om hem moet draaien. Een Duitse chick met een Duitse mentaliteit en een leuk accent die voor de deur vervormd tot klein, schattig meisje met net zulke grote ogen als de gelaarsde kat uit Shrek. Een als een hippie ogende en overkomende Australische dame die geen veganist en geen vegetariër is, geen Veggiemite lust en die overal geld ruikt en er het liefst zo veel mogelijk van heeft. Een gympen met sportsokken en een korte broek, zonneklep en bril dragende Engelse theeleut die in haar kledingkast schijnbaar alleen maar kleding heeft hangen die haar aankleden als girlscout die koekjes verkoopt. Een veel te enthousiaste Amerikaanse chick, die volgens haarzelf uit ‘California, the States’ komt, die met haar luide en vooral erg rare uitspraken maarschalk is in het laten vallen van ongemakkelijke stiltes. Een aardige jongen die alles goed weet en kan en vooral het liefst met rust gelaten wordt maar tegelijkertijd floreert in het verkopen van helemaal niks aan de deur. Een onvervalste Zweedse hipster die geen McDonalds eet (ik heb niet gevraagd waarom omdat de redenen waarschijnlijk veel te goed zijn) en in het bezit is van lange blonde lokken, blauwe ogen, een skateboard en een accent dat zo veel omhoog en omlaag gaat dat het lijkt alsof hij een constante drang heeft om te jodelen. Een Poolse, hard werkende (verrassend), 32 jaar oude, leergierige robot die net zo veel motivatie heeft als gebrek aan verkoop skills. Een relaxte, Nederlandse 18-jarige jongen uit Deventer die op zijn 16e de auto van zijn vader gebruikte om naar Duitsland te rijden. En ik. De teamleider van deze bende van ellende bij HelloFresh. Het voelt alsof ik de Magic Schoolbus bestuur. Het is een normale werkdag.

Afgelopen week heb ik promotie gemaakt. Van ‘representative’ naar ‘teamleader’. Vanwege mijn empathisch vermogen volgens mijn baas. Of hoe hij het zei: ‘je ligt goed in de groep’, maar dat schrijf ik toe aan mijn empathisch vermogen.

Je rijdt dus links in Australie, wat gezien mijn verleden van voornamelijk rechts rijden soms nog even wennen is, maar oefening baart kunst en een onverwachte tegenligger op je rijbaan geeft stof tot denken en benadrukt de urgentie van aanpassing.

Ik ben erachter gekomen dat ik het moeilijk te bevatten vind dat er zo veel backpackers zijn die dolgraag settelen voor een nieuw leven aan de andere kant van de wereld. Als je mensen wat beter leert kennen kom je erachter dat sommigen zo hun redenen hebben. Serieuze redenen. Anderen vinden het kut weer in Engeland voldoende om vrienden, familie, hond en/of parkiet op 16.489 kilometer afstand en een discrepantie van 10 uur achter te laten. Of het zijn naïeve, verliefde zielen die door een geliefde liever tien uur eerder nieuwjaar vieren. Mijn opvatting. Ik houd van reizen. Adoreer het, en mis het sinds ik voet op Australische bodem zette en settelde in Sydney. Ik houd van reizen, niet van aan de andere kant van de wereld wonen en werken. Gisteren had ik mijn laatste werkdag als deur aan deur verkoper voor HelloFresh. Een zegening. Het feit dat we ‘a team of professional chefs’ hebben en we samenwerken met ‘local farmers’ en dat ‘we take pride in the freshness of our produce’ komt me onderhand wel mijn neus uit. Deur aan deur gaan ook. Ik ben er klaar mee. Het is tijd voor nieuwe uitdagingen. Misschien een tijdje lesgeven in Vietnam? Over een kleine week bevind ik me daar in ieder geval weer. Dit keer niet reizend een willekeurige backpacker die ik tegen kom, maar met de lieftallige K, die ik pakweg 4 jaar geleden in Thailand tegenkwam, en waar ik nooit het contact mee verloren heb.

Het totale gebrek aan schroom waarmee de chauffeur zijn touring bus bestuurd is nieuw voor mij. De laatste keer dat ik van Hanoi naar Sapa ging was dit op een scooter. Het mooie daaraan is dat je zelf je snelheid, route en het aantal pauzes kiest . Het mindere daaraan was dat je bussen op je route tegenkomt die rijden zoals deze. In centraal Hanoi door soms smalle straten omringd door 100 scooters rijdt hij eigenlijk net zo vlot – volop toeterend natuurlijk – als in bredere en minder gevulde straten. Later, als we in de bergen op redelijk goed geasfalteerde bergwegen rijden hanteert hij de alom bekende techniek: toeteren voor je de bocht in gaat en in principe gewoon beide banen bestrijken en met een zo hoog mogelijke snelheid (met als resultaat dat de bus voor je gevoel praktisch schuin de afgrond in hangt) teringlijp die bocht door knallen. Vast houden aan de randen van de ‘slaapstoelen’ is noodzakelijk en alle losliggende flesjes, telefoons, chipszakken, theedoeken en hoepels worden de bus doorgeslingerend. De troostende gedachte die ik er vrijwel altijd op nahoud en iedereen aanraad tijdens zo’n busrit: Ik ben met nog 30 anderen, die zijn echt niet allemaal van plan om de afgrond in te storten; plus, ik heb in de afgelopen jaren nog geen nieuwsbericht gelezen in de trend van ‘3 Nederlanders overleden bij busramp Noord-Vietnam’. Al moet ik zeggen dat het feit dat ik het nieuws niet zo goed volg in mijn voordeel kan werken. ‘Uit onderzoek blijkt dat iedereen uit zijn bek stinkt na een 5 uur durende busrit’ zou overigens een kloppend maar niet al te schokkend nieuwsbericht zijn denk ik. De adem van de man naast me is een unicum.

Behalve dat ben ik in ieder geval weer in Vietnam en ik vind het niks minder dan heerlijk. Ik kijk Kathrin aan die een stoel achter me ligt. Die kan nog tevreden glimlachen, al mijn spullen liggen nog op zijn plek en we zijn bijna in Sapa. Prima.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *